artikel

Ons Caffeej pakt hoofdprijs

Horeca

Het was niet echt zijn eigen wens nog eens mee te doen aan de Café van het Jaar verkiezing. Immers, slechts een ezel stoot zich in ‘t algemeen Na twee keer tot de genomineerden te zijn doorgedrongen was het dit jaar het personeel dat unaniem aangaf weer een poging te willen wagen. Dus deed Jan Caspers voor de derde keer het aanmeldingsformulier op de bus. En met resultaat. Want Ons Caffeej in Uden is Café van het Jaar 2001!

Ons Caffeej pakt hoofdprijs

De ogen van Jan Caspers zijn nog een beetje dichtgeknepen. En bij bedrijfslijder Thomas van Schallewijk wordt aan de binnenkant van de schedel nog het nodige mokerwerk verricht. Toch staan ze daags na de uitverkiezing tot Café van het Jaar weer in de zaak. Op dinsdag nota bene. De enige dag in de week waarop het bedrijf normaal gesproken gesloten is. Glimlachend zegt Caspers een beetje te balen. Maandagavond brengt hij altijd zijn financiën op orde en dat is er nu bij ingeschoten. ‘Zit het daar verkeerd, dan zit het overal verkeerd’, benadrukt Caspers het belang van een sluitende boekhouding.Nog een kleine twee uur en Ons Caffeej zal de deur van het slot doen. Een advies dat hem de avond ervoor is gegeven door Gertje van Aalst. ‘Je moet open zijn. Er zijn zoveel mensen die je willen feliciteren’, raadde de eigenaar van De Bank in Doetinchem hem aan. En Van Aalst kan het weten. Het was zijn bedrijf waarvan Ons Caffeej het stokje overnam.

Nog nagenietend van wat hem is overkomen zit Jan Caspers in de serre van zijn zaak. Zwaait af en toe als er een bekende langskomt en vergeet van zijn cappuccino te drinken. ‘Het was gewoon goed’, zegt hij over de dag ervoor. Over de volle breedte van zijn zaak hangt een spandoek. ‘Ons Cafeej café van het jaar 2001’ prijkt er in koeienletters. ‘Dat hing er gisteravond al toen we terugkwamen uit Rotterdam. Ik wist er niets van. Een drukker hier uit de buurt heeft het een paar dagen eerder al moeten maken. Ja, dat was wel een gok. Maar kennelijk hadden ze er wel vertrouwen in. Vooraf hadden we ook afgesproken, we gaan voor plaats één.’

Bijgeleerd
Echt verwacht dat hij zou gaan winnen had hij niet. ‘Maar ik had er wel een goed gevoel over. Aan de hand van de interviews die vooraf met de genomineerden werden afgenomen kon je al wel zien wie er zouden afvallen’, vindt Caspers. ‘Maar toen het dorpscafé echt bekendgemaakt zou worden werd het wel erg spannend.’ Als het even later Ons Caffeej is dat met de hoofdprijs aan de haal gaat is de blijdschap enorm. Ook de bravoure is terug. Caspers: ‘Ik zei tegen Ton Lenting dat de jury er de afgelopen jaren veel heeft bijgeleerd. Hoezo? Zegt hij. Nu wij nummer één zijn blijkt pas dat je er verstand van hebt.’ In de toelichting op de eerste prijs wordt duidelijk waarom de voorkeur van de jury naar het Udense bedrijf is uitgegaan: ‘Wie aan Ons Caffeej in Uden denkt, denkt aan Jan Caspers. Caspers is een ondernemer in hart en nieren. Een man die vooruit wil, een man die sfeer kan creëren, iemand die zijn mensen weet te enthousiasmeren en een man die resultaatgericht bezig is. Caspers is dankzij zijn tomeloze inzet en grote betrokkenheid erin geslaagd Ons Caffeej uit te laten groeien tot een uitgaansadres van formaat.’

Een kleine rondgang door Ons Caffeej geeft aan dat er veel veranderd is sinds Caspers het café aan De Markt in 1992 overnam. Het buurpand werd er bij gekocht waardoor de oppervlakte flink toenam. Van de overkapping werd een riante serre gemaakt waar overdag een gemêleerd publiek neerstrijkt. De jury schrijft: ‘Dankzij de uitbreiding van de zaak en de vernieuwing van het terras is Caspers erin geslaagd Ons Caffeej ook daadwerkelijk het café te maken voor velen.’ ‘We hebben nu een heel mooi café’, zegt de eigenaar zelf, niet ontevreden. Waarom hij zich onderscheidt van collega’s? ‘Ik denk door de omgang met mijn mensen. Ik doe hier eigenlijk niks. Ja, personeel aannemen. Beetje op de muziek letten. Sfeer vind ik heel belangrijk. Door normaal te doen probeer ik er gewoon een lekker café van te maken.’

Valse bescheidenheid
Na twee keer eerder tot de genomineerden bij de Café van het Jaar verkiezing te zijn doorgedrongen had Jan Caspers niet veel trek om zich nog eens in te schrijven. Weliswaar was er veel veranderd sinds 1999, de laatste keer dat de jury kritisch naar zijn bedrijf had gekeken, maar toch ‘In maart hebben we met het hele personeel een vergadering gehad. Ik wilde van hen weten wat ze van Ons Caffeej vonden. Ik had een aantal vragen opgeschreven die ze in groepjes moesten invullen. Vragen die deels afkomstig waren van een oud inschrijfformulier voor de Café van het Jaar verkiezing. Eén van de vragen die ik er zelf aan had toegevoegd was ook; moeten we weer meedoen aan de Café van het Jaar verkiezing? Op alle formulieren stond ‘ja’.’Dat het personeel in Ons Caffeej op enthousiaste wijze aan het werk is bleef ook de jury niet onopgemerkt. Caspers: ‘We zijn een leuk café en iedereen straalt dat ook uit.’ En de ondernemer mag zichzelf dan een ondergeschikte rol toebedelen in de zaak, dat is valse bescheidenheid. Als bedenker van ludieke acties blijft Ons Caffeej onder de aandacht van het publiek. Om een idee te geven: ‘Kort nadat ik het café had overgenomen kreeg ik problemen met de bovenburen. Geluidsoverlast. Binnen een jaar was het pand weer casco en moest ik voor 120.000 gulden investeren. Ik heb mijn huis moeten verkopen om dat te kunnen betalen. Toen het eenmaal klaar was hebben we een geluidloze opening gedaan. Voordat de verbouwing begon kregen alle vaste gasten een zakdoek met een knoop erin. Om de datum te onthouden.’

Geen drumstellen
Ook de talentenjacht die Caspers al zes jaar in zijn bedrijf organiseert zorgt voor een volle tent. Daarnaast is er iedere zondag live muziek. Om hiervoor aandacht te trekken adverteerde Caspers aanvankelijk met ‘eindelijk weer eens iets leuks op zondag’. ‘Ik heb een goede relatie met mijn buren en dat wil ik zo houden. Dus mogen er die dag geen drumstellen naar binnen. Daarom doen we het ‘unplugged’. Dat is echt heel leuk.’ En zo kan Caspers nog wel even doorgaan. De kerstbingo bijvoorbeeld. Waarvan de opbrengst naar verstandelijk gehandicapten gaat.’ Die laatste woorden worden opgevangen door de Amstel vertegenwoordiger die net binnenkomt. ‘Vergeet het spaarkasfeest niet’, roept hij Caspers toe.

Op de vrijdag voor carnaval wordt met een groot feest de inhoud van de spaarkas in vloeibare vorm omgezet. Ook die dag is er een artiest van de partij. Komend jaar komt George Baker naar de Brabantse plaats. ‘Ik ben echt trots’, gaat de Amstel man verder. Ik woon zelf in Uden en Ons Caffeej is ook mijn café.’ Een activiteit die vorig jaar voor het eerst werd georganiseerd dreigt ook al aan te slaan. ‘Ik ben gek op die kerstmarkt in Düsseldorf. Ieder jaar ga ik er naar toe. Op de terugweg bedacht ik mij dat we zoiets ook best in Uden zouden kunnen doen. Samen met de buurman hebben we negen hutjes laten maken. Rond kerst verkocht de slager er worsten, wij Alt bier. Het was echt iets aparts. Iedereen in het dorp lult erover. Het was zoiets moois. Dit jaar gaan we het weer doen. Misschien met de kerstman erbij. En een sneeuwkanon. Ook heb ik van andere ondernemers al gehoord dat ze ook zo’n kraampje willen. Die dingen zijn echt keiduur.’ Niet voor niets schrijft de jury: ‘Met creatieve thema-avonden en een zeer actief reclamebeleid, weet hij de concurrenten voor te blijven’.

Kinderopvang
Met de uitverkiezing van Ons Caffeej zegt de jury in tegenstelling tot de vorige jaren, een winnaar te hebben die geen dagzaak is waar je ook uitgebreid kunt eten. Er is weliswaar een uitgebreide lijst met tosti’s en enkele gefrituurde hapjes, maar daarmee houdt het wel op. Veel meer is er ook niet mogelijk in het krappe keukentje. Gevraagd naar de plaats waar Caspers zijn bier heeft opgeslagen wordt een trap uit het plafond getrokken. Op ingenieuze wijze zijn de vier tanks met ‘kelderbier’ tussen plafond en zolder ingebouwd. Om ze bij te vullen moet er via de voorkant van het bedrijf een meterslange slang worden uitgerold. ‘Je koffie wordt koud’, waarschuwt Thomas van Schallewijk. Samen met Simon van der Kleij en Jan Caspers de enige drie fulltimers in het bedrijf. Caspers vraagt hem het handboek te pakken dat alle medewerkers door moeten werken. ‘Er staat zelfs in hoe ik wil dat de glazen worden opgehaald.’

Het is twee uur. De deur gaat van het slot. ‘Vanaf 14:00 uur gaat het bedrijf open en de vele klanten komen er voor de gezelligheid en het entertainment’ schreef de jury al. Het klopt. Vrijwel meteen schaart een aantal vaste gasten zich rond de bar. De eerste biertjes worden getapt.Heeft Caspers nog plannen voor de toekomst? ‘Dat was één van de vragen waarop het personeel in maart ook antwoord moest geven’ zegt hij. ‘‘Hoe ziet Ons Caffeej er over vijf jaar uit?’ stond er. Als antwoord gaf een aantal dat we dan de Albert Heijn hier op de hoek erbij hebben gekocht. Waarom? Vroeg ik. Dan maken we daar een kinderopvang van, zodat onze gasten ook als ze kinderen hebben kunnen blijven uitgaan in Ons Caffeej zeiden ze. Dus wie weet?’