artikel

Peter Lute: ‘We moeten naar fine dining zonder poeha

Horeca

Peter Lute ziet Lute niet als een formule, zegt hij in het decembernummer van Misset Restaurant. ‘Het is net zo min een formule als het leven, maar meer een eigen planeetje en als zodanig de weerspiegeling van hoe wij gastvrijheid willen invullen.
Meer over Lute…

Peter Lute: ‘We moeten naar fine dining zonder poeha

peter luteDe ervaring
Zijn voldoening zit hem in het type gast. “Mensen die wat gewend zijn en zich hier opgevangen voelen. Voor de gast telt de ervaring en niet het verhaaltje dat je afsteekt. Het gaat om de beleving en om het enthousiasme, daar moet de nadruk op liggen en niet of het een trend is of zo. Ik zou dit verhaal nooit in Amsterdam hebben willen beginnen, dat is bloedlink, want je bent in no time uitgewoond. Ik zou sowieso geen tweede Lute in Nederland neer willen zetten. In het buitenland misschien wel, maar dan moet het hier eerst af zijn.”

Merkbeleving
Peter Lute denkt dat Lute nog completer kan zijn in juist de aandacht voor de gast. “In die weerspiegeling van hoe het leven zou moeten zijn, kunnen we de internationale allure die we toegeschreven krijgen nog completer maken en indikken. Lute moet een soort merkbeleving worden, met de gast die aangeeft of het werkt. Dat moet zonder dat hij weet wie Peter Lute is, dat is onbelangrijk. Er staat ook niet op mijn buis dat ik de baas ben.”

Fine dining zonder poeha
‘Als dat proces helemaal af is, kan ik een volgende fase in. Maar er mag niet gemolken worden. Alles laten zien zoals het is en na vijf jaar is de koek op. Nee, we moeten uniek blijven. Drempels moeten geslecht. We moeten naar fine dining zonder poeha. Allicht zullen er altijd wel van die formele adressen blijven, maar volgens mij gaat het toch echt om de beleving, om de mens achter het product. In de basis spiegel ik me nog altijd aan Terrence Conran. Niet aan zijn keuken, maar aan de manier van mensen bij elkaar brengen en het conceptdenken. Ik heb niet voor niets Marieke bij Quaquelino’s ten huwelijk gevraagd. Wanneer ik daar aan denk, krijg ik nog kippenvel.’