artikel

Wat betekent invoering euro voor de branche?

Horeca

‘Het zal allemaal wel loslopen met die euro. Ook het millennium was immers een storm in een glas water.’ Wie zo redeneert heeft volgens Charles Apers van de Rabobank nog niet goed begrepen wat er bij de introductie van de euro allemaal komt kijken. ‘Voor bedrijven die nu nog niets hebben ondernomen is het onderhand twee voor twaalf’, aldus Apers. Zijn waarschuwing geldt vooral grotere bedrijven en bedrijven die veel met cash werken, zoals de cateringbranche.

Klik hier voor het dossier over de euro

Wat betekent invoering euro voor de branche?

‘De introductie van de euro kun je niet vergelijken met de millenniumbug’, vertelt Charles Apers, zegsman van het Utrechtse hoofdkantoor van de Rabobank. ‘Het millennium was een soort gok: gebeurt er wel iets, of gebeurt er niks? De euro-invoering is anders. Die komt onafwendbaar elke dag een dag dichter bij. Bedrijven die voor 1 januari 2002 nog niet helemaal klaar zijn voor de omschakeling, die hebben een heel groot probleem.’

Vier aspecten
In operationele zin heeft de omzetting op de euro op alle niveaus en door alle bedrijfssectoren heen vier aspecten:
1. externe en interne informatie en voorlichting
2. de technische aspecten als de ombouw van kassasystemen en automaten
3. administratieve en prijstechnische aspecten
4. het fysiek omwisselen van cash guldens naar cash euro’s.
Daarnaast heeft de omschakeling ook effect op allerhande financiële kwesties en op belastingzaken en er kleven ook allerlei juridische aspecten aan (bijvoorbeeld contracten).Voor de cateringbranche brengt het omzetten van de apparatuur het meeste werk met zich mee, gevolgd door het fysiek verwisselen van guldens door euro’s. Op zich is de ombouw van één kassa niet zo’n grote klus. In de meeste gevallen is dat eenvoudigweg een kwestie van het vervangen van een computerplaatje. Bij Casio-kassa’s heet zo’n mutatie-unit bijvoorbeeld de eurokit. Die eurokit regelt de overgang in fasen. Dat wil zeggen dat nu al eurobedragen op de kassabon staan en dat op 1 januari 2002 automatisch wordt overgeschakeld op de euro, maar dat het bedrag ook nog in guldens wordt geprint.
Het probleem schuilt in het aantal. Alleen al in Nederland moeten er honderdduizenden kassa’s worden omgebouwd of vervangen. Vandaar dat een omschakelunit als de genoemde eurokit gefaseerd werkt, zodat hij al ruim van te voren geïnstalleerd kan worden.

Gevecht tegen de tijd
De euro-omzetting is bovenal een gevecht tegen de tijd. Als te veel bedrijven de omzetting van hun kassa(s) tot het laatste moment uitstellen, dan komen de bedrijven die dat moeten doen, op een gegeven moment gewoon handen tekort. ‘En 27 januari volgend jaar is absoluut de allerlaatste dag dat je de kassa nog op guldens kunt afslaan’, aldus Rob des Bouvrie, directeur van het bedrijf Des Bouvrie Retail Consulting, dat kassasystemen levert voor retail, horeca en catering.
Een tip van Des Bouvrie: ‘Voorzie de euro-omgeschakelde kassa’s van een duidelijke sticker, zodat iedereen in één oogopslag kan zien of een kassa al wel of nog niet klaar is voor de euro.’

Grootste wisseltruc
Het fysiek wisselen van guldens naar euro’s gebeurt op twee niveaus: enerzijds via de banken, anderzijds via retail, horeca en catering.
Er zullen consumenten zijn die braaf eerst naar de bank stappen zodat ze overal gelijk cash met euro’s kunnen betalen. Maar de verwachting is toch dat de meeste Nederlanders hun chartale euro’s voor een belangrijk deel via het retailkanaal in de portemonnee zullen krijgen. Dus als wisselgeld, nadat ze eerst in guldens hebben betaald. Dat levert de grootste wisseltruc aller tijden op. Retail, horeca en catering zullen in de periode van 1 januari tot en met 27 januari volgend jaar moeten werken met dubbele kassa’s: guldens innemen en in euro’s teruggeven. Experts spreken van een kassa-inhoud die zeker twee maal zo groot zal zijn als normaal. Vooral de eerste week van volgend jaar zal spannend worden.
Dat alles houdt voor de catering twee dingen in. Men moet voldoende euro-geld in huis hebben. En men moet het personeel trainen in het gelijktijdig werken en rekenen met twee verschillende valuta (zie kader kassabon).
Wil het niet helemaal een chaos worden, dan verdient het aanbeveling om guldens en euro’s apart te houden. Rob des Bouvries heeft daar iets op gevonden. Hij voorziet al zijn kassa’s van een nieuwe kassala, die specifiek voor de nieuwe euro is ontwikkeld. Vanaf E-day wordt uitsluitend met die euro-lade gewerkt, zowel voor het ontvangen als voor het teruggeven in euro’s.
Des Bouvrie wijst op het gevaar dat men al te gemakkelijk toch nog een tijdje tevens in guldens blijft teruggeven. ‘Niet doen. Hoe groot de verleiding soms ook zal zijn, dat is alleen maar uitstel van executie. En het maakt de handling alleen maar ingewikkelder.’

Hutspot
De introductie van de nieuwe munt brengt dus eigenlijk nauwelijks risico’s met zich mee, vooropgesteld dat men bijtijds de juiste acties onderneemt. Helaas is er wel één uitzondering en dat is de automaat.
Net als kassa’s moeten ook automaten omgebouwd worden. Er staan in ons land naar schatting 100.000 automaten die voor ombouw in aanmerking komen. De resterende 40.000 automaten zijn te oud voor aanpassing (hetzij economisch hetzij technisch) en zullen moeten worden vervangen. Maar zelfs als dat allemaal vlekkeloos verloopt, is er een risico dat een automaat op een gegeven moment een bepaalde euromunt niet wil accepteren.
Dat potentiële automatenprobleem wordt veroorzaakt door het feit dat we straks in feite geen acht verschillende euromunten krijgen maar 96. Elk deelnemend land gaat zijn eigen nationale versie van de acht euromunten uitbrengen. Bovendien wordt ‘de euromunt’ geslagen in meerdere munthuizen (soms meerdere per land) die er elke hun eigen productieprocedures en zelfs ook hun eigen grondstoftoepassingen op nahouden. Het gebruik van muntgrondstoffen is op Europees niveau vastgelegd. Maar: de gegeven regels laten ieder land en zelfs iedere producent eigen ruimte voor interpretaties. Daardoor kunnen onvoorspelbare onderlinge verschillen in de genoemde 96 munten optreden.
Peter Roefs, euro-goeroe bij Maas International in Eindhoven: ‘Wij zijn nu al bijna twee jaar bezig met de euro. Wij hebben gekozen voor de meest betrouwbare muntteller die er op dit moment op de markt is. Onze automaten accepteren nu al zowel guldens als euro’s. Wij werken met testmunten, die via de Nederlandse Munt verkrijgbaar zijn.’
Arjan Wichman, woordvoerder van de VIDA, schat dat de euro-implementatie de automatenbranche in Europa in totaal zo’n 65 miljoen gulden zal gaan kosten.

Chippen
Volgens de banken kan de hele euro-operatie van de komende januari aanzienlijk versoepeld worden als iedereen dan zo veel mogelijk gaat chippen en knippen. Want m eteen op 1 januari 2002 kan de Nederlandse consument zijn Chipknip of Chipper opladen met euro’s. Een eventueel oud saldo in guldens wordt daarbij automatisch ook naar euro’s omgezet. Dat gebeurt in het oplaadpunt. En ook de PIN-pas wordt op E-day automatisch omgezet zodat ook daarmee direct in euro’s afgerekend kan worden. Alleen moet de dienstverlenende partij er dus wel voor zorgen dat de betalende partij ook inderdaad elektronisch kan afrekenen…
Albron Catering, sinds ‘97 actief met de euro bezig, wil de euro-conversie gebruiken om het elektronisch betalen te promoten. Alle kassa’s van Albron, die in het kader van de euro gewijzigd of vervangen worden, worden geschikt gemaakt voor het elektronisch betaalverkeer. Na E-day moet er bij Albron voor minstens 50% elektronisch betaald worden. Nu is dat nog geen 5%. Naar eigen schatting zal Albron 2,5 miljoen gulden aan de euro-conversie kwijt zijn.
Adjunct-directeur Henk Klijn: ‘Doordat wij niet internationaal werken is dat als het ware weggegooid geld. Wij krijgen daar direct niets voor terug. Maar als meer gasten met chipknip en chipper gaan betalen, kunnen we tenminste nog iets van die 2,5 miljoen terug verdienen. We hebben ooit uitgerekend wat de handling van al het cash-geld ons jaarlijks kost. Dat is een gigantisch bedrag.’