artikel

De Stelling: ‘Personeel hoort bedrijfskleding te dragen’

Horeca 0

Twee horecaprofessionals reageren iedere twee weken op een actuele stelling. Deze week is de stelling: ‘Personeel hoort voor de gasten duidelijk herkenbaar te zijn’. Lees hier de meningen van ‘Meneer’ Reimers van Las Palmas in Rotterdam en Job Staal van Volkshotel in Amsterdam. Reageer ook op de stelling, laat uw mening horen in de reacties.

De Stelling: ‘Personeel hoort bedrijfskleding te dragen’

Personeel moet voor gasten herkenbaar zijn door uniforme bedrijfskleding, anders leidt dat tot irritatie.

‘Meneer’ Reimers: ‘Het is absoluut noodzakelijk dat personeel duidelijk herkenbaar en uniform gekleed gaat, aangepast aan de stijl van het bedrijf. Ik heb zelf ooit een keer de fout gemaakt alle kelners in smoking te steken op een feest waar alle gasten ook in smoking waren. Dus gasten gingen bij gasten bestellen. Op zijn zachtst gezegd gênant.’

Job Staal: ‘Wij geloven in zelfstandigheid en het individuele karakter van ons personeel. Met bedrijfskleding wordt geïmpliceerd dat personeel anders is dan de gasten. In onze optiek is er geen hiërarchische verhouding tussen gast en personeel. Uiteraard geloven wij ook in ‘gast is koning’, maar wel zonder een onderdanige positie van de medewerker ten opzichte van de gast.’

Bedrijfskleding ligt in het verlengde van het imago en moet daarom verder gaan dan het voorschrijven van eenzelfde kleur kleding voor iedereen.

‘Meneer’ Reimers: ‘Indien je bedrijfskleding voorschrijft, moet je het ook ter beschikking stellen. In een eetcafé iedereen eenzelfde spijkerbroek en een nette polo in de zomer en een net shirt in de winter. Maar zorg tenminstte altijd voor een goede, nette sloof met bedrijfslogo of logo van een sponsor. In een chiquere zaak verwacht ik een nette broek en shirt, liefst met vlinderstrik of das.’

Job Staal: ‘Het imago van ons bedrijf draait niet om de kleding, maar juist om het karakter van het personeel zelf. Ze zijn een belangrijk onderdeel van onze visie en uitstraling. Ervaring heeft ons geleerd dat medewerkers zich prettiger voelen als ze in hun eigen kleding werken, en dan ook beter in staat zijn om voor de gast een aangenamer verblijf te verzorgen. Ons motto is: ‘Wij staan open voor iedereen, die openstaat voor iedereen.’

Om de netheid te bewaken, moet het bedrijf duidelijke regels hebben over wassen en strijken, of het personeel aanbieden dit voor ze te doen.

‘Meneer’ Reimers: ‘Mijn mening is ‘niet schoon en ongestreken is nooit een excuus’. Dat los je heel simpel op: bied bewassing aan, dan heb je gegarandeerd een uniforme en schone look.

Job Staal: ‘Uiteraard moet kleding representatief en schoon zijn. Mannen mogen niet in hemdjes werken en het decoleté van vrouwen mag sexy zijn, maar niet aanstootgevend. Goed schoeisel is belangrijk om veiligheidsredenen. Als het 30 graden celsius is, mogen rokjes en korte broeken, mits representatief. Zweten aan tafel serveren in een dik overhemd en broek wil je ook niet, toch?’!

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels