artikel

Balans opmaken na jaar lang slapen in hotel

Hotel

Vincent van Dijk sliep heel 2010 in een hotel. Elke nacht in een ander Amsterdam hotel. Op 31 december is zijn laatste overnachting in het Okura Hotel in Amsterdam. Tijd dus om de balans op te maken. Aan MissetHoreca.nl vertelt Van Dijk over zijn ervaringen in Amsterdamse hotels en wat hem vooral is opgevallen.

Balans opmaken na jaar lang slapen in hotel

Wat is je het meest opgevallen aan de Amsterdamse hotels als je er een jaar verblijft?

Dat er een enorme diversiteit is. Van de meest armoedige tourist traps tot uitbundige luxe waarvan ik niet wist dat het bestond, waarbij in het grootste deel van de hotels vriendelijke en gastvrije mensen werken. Wat me opvalt is dat het aanbod en de vraag op lang niet alle momenten van het jaar/de week even goed matchen. Er is nu enorm veel behoefte aan goedkope hotels. Mensen die komen blowen en drinken en verder niet zoveel uitgeven of ondernemen. De stad Amsterdam kan en moet ook ander soort toeristen trekken. Hierin moeten de gemeente, de hotels, maar ook het vervoer en de inwoners van de stad veel beter samenwerken. Amsterdam is zo klein, dat je de hele stad als een hotel moet bekijken. Nu is iedereen iets teveel met zijn eigen kamertje bezig.

Hoe kundig is het hotelpersoneel volgens jou als slaapexpert?

Over het algemeen is het hotelpersoneel zeer kundig als het gaat om hoe ze met mensen om moeten gaan en mensen wegwijs moeten maken. Het merendeel van de hotels wordt ook goed schoongemaakt. Al heb ik ook echt smerige hotels meegemaakt, waarbij het management alleen geld wil verdienen en het echt niet uitmaakt hoe. Taferelen die je in een ontwikkelingsland zou verwachten, maar niet in de hoofdstad van Nederland. Hoe de sfeer en service zijn in een hotel wordt voor het grootste deel bepaald door het management. Aan de receptioniste kun je vaak zien wat voor manager er zit.

Wat is het serviceniveau van de Amsterdamse hotels, zo terugkijkend op 2010?

Over het algemeen is het service-level in de Amsterdamse hotels hoog, zeker als je dat vergelijkt met de rest van de stad. In de meeste hotels werken professionals, terwijl in de meeste andere horecagelegenheden in Amsterdam ‘service verlenen’ helaas niet als een echte professie wordt gezien, maar als een gezellige studentenbaan. Ik heb me buiten hotels vaak geschaamd ten opzichte van buitenlandse gasten. Restaurants en bars zouden zoveel meer omzet kunnen hebben als er mensen werken die het vak beter begrijpen. Nog erger is het in het vervoer van de hoofdstad. Vanaf Schiphol gaat het al mis met de trein en vanaf aankomst op Centraal met de taxi’s en de trams. Eigen auto mee is al helemaal geen optie. Amsterdam heeft een groot vervoersprobleem en dat is een ramp voor het toerisme in de stad.

Wat heb jij als hotelbewoner gemerkt van het aantrekken van de hotelmarkt nu het economisch iets beter gaat?

In de zomer waren de hotels boordevol en de zomer duurde tot en met oktober en zelfs begin november. Hotels spraken van de drukste maand oktober ooit. De prijzen zijn weer gestegen naar het niveau van voor de recessie. Voor de hotels was dat natuurlijk geweldig. Voor mij als hotelbewoner waren het zware maanden om een kamer te vinden. In de zomer zag ik vaak toeristen in hun auto overnachten en deden illegale hotels goede zaken. Zeker op de vrijdagen en zaterdagen staat de Amsterdamse hotelmarkt onder hoogspanning en is de stad soms echt helemaal vol. Jammer is dat de meeste hotels de rustiger periode tijdens de recessie niet hebben gebruikt om te renoveren. De hotels die dit wel hebben gedaan profiteren hier nu van. Je merkt dat hotels nu alweer een beetje achterover gaan leunen, omdat de kamers toch wel weer volstromen. Gelukkig komen er komende tijd nog veel hotels bij. Hopelijk zorgt dit, samen met de toenemende transparantie van het internet, tot kwaliteitsverbetering.

Wat heb je gemist aan de hotels/service/personeel/faciliteiten het afgelopen jaar?

In lang niet alle hotels is er goed werkend, gratis internet. Dat is echt een must in deze tijd. Bij veel goedkopere hotels kun je wel gratis internetten, maar bij de grotere en duurdere hotels kost dit vaak veel geld en werkt het niet altijd even goed. Ook hebben veel hotels te weinig stopcontacten. Een stopcontact naast het bed is voor de “plug-in-generatie” van levensbelang, want je wilt in een hotel niet alleen jezelf opladen, maar ook de telefoon, laptop en tandenborstel. Opvallend vond ik hoeveel hotels nog dekens hebben, in plaats van dekbedden. Voor mijn hotelavontuur was ik ervan overtuigd dat die niet meer bestonden in Nederland.

Wat is jouw meest memorabele hotelmoment van 2010?

Het hele jaar was een aaneenschakeling van memorabele hotelmomenten, maar toen Hotel Amsterdam / De Roode Leeuw na de kreet van de Damschreeuwer opeens veranderde in een noodopvang, dat zal me voor eeuwig bijblijven. Het personeel dat opeens tientallen mensen verzorgde, voorzag van een drankje, een luisterend oor en samenwerkte met de hulpdiensten. En dat terwijl het hotel aan het begin van de avond van deze zelfde diensten hoorde dat zelfs de deur naar het restaurant uren voor de Dodenherdenkingsceremonie dicht moest blijven. De gastvrijheid, het improvisatievermogen, de structuur houden binnen zoveel chaos, dat maakte mij duidelijk wat een hotel is.

En tot slot: wat doet het met een mens om een jaar lang te leven in een hotel?

Veel. Ik heb zelf veel geleerd over omgaan met andere mensen. Het eerst energie geven en dan pas iets verwachten. Ik heb veel respect gekregen voor iedereen die in serviceverlenende beroepen werkt en een gruwelijke hekel gekregen aan gasten die nooit hebben geleerd dat te gast zijn ook verantwoordelijkheden met zich meebrengt.

Ik heb ook geleerd dat ik heel gelukkig ben zonder spullen en ben veel meer gaan letten op mijn eigen rust en gezondheid. En dat je verslaafd kunt raken aan de serviceomgeving van een hotel. Voorlopig wil ik nog niet naar huis.