artikel

RAI Catering heeft andere opzet en is klaar voor groei

Catering 2081

RAI Amsterdam is met zo’n 70 andere beurzen en honderden congressen per jaar een economische factor van formaat met internationale allure. Onlangs is de opzet van de cateringtak gewijzigd. Voormalig f&b-director Martin van Nierop, in zijn nieuwe functie, en opvolger Jules Broex doen uit de doeken hoe ze nieuwe gasten gaan aantrekken.

RAI Catering heeft andere opzet en is klaar voor groei
Jules Broex, director Operations en Martin van Nierop, director Hospitality & Executive Relations (fotovDiederik van der Laan)

Met een een jaarlijkse omzet van €125 miljoen behoort RAI Amsterdam tot de grootste spelers in de branche. In het bekende beurscomplex aan de Amsterdamse ring A10 is de food & beverage-tak verantwoordelijk voor zowel belegde broodjes voor standhouders tijdens een beurs, als diners op sterniveau, buffetten en walking diners voor congresgangers en theaterbezoekers.

De cateringtak van de RAI heeft bewogen maanden achter de rug. De organisatie werd geherstructureerd. Operationeel directeur Martin van Nierop  kreeg een nieuwe functie en mag zich nu director Hospitality & Executive Relations noemen. Zijn opvolger is Jules Broex. Gevraagd naar zijn nieuwe takenpakket legt Van Nierop uit dat hij meer de verbinding met de stad gaat maken om de RAI ook voor nieuwe gasten aantrekkelijk te maken. En zijn ze eenmaal binnen, dan is het Broex die onder meer verantwoordelijk is voor het verzorgen van hun innerlijke mens door dit optimaal te regelen.

Een blik naar buiten, richting het plein voor het beurscomplex, verklaart in belangrijke mate de nieuwe opzet. Nog een paar maanden en de veelbesproken Noord/Zuidlijn die Amsterdam ondergronds doorkruist, gaat eindelijk de eerste passagiers vervoeren. Voor de deur van de RAI zal dan halte Europaplein zijn. Als de prognoses uitkomen, zullen er straks dagelijks 20.000 passagiers in- en uitstappen. Daarnaast opent in 2019, naast de RAI, het 650 kamers tellende Hotel Nhow Amsterdam RAI. Ook dat zal naar verwachting veel extra traffic genereren. En al die extra passanten pal voor je deur, tja, daar kun je – of beter gezegd – daar móet je iets mee doen. Het biedt niet alleen kansen voor de huidige vier eigen horecaexploitaties van de RAI die op verschillende punten aan de binnen- en buitenkant van het gebouw zijn te vinden, maar opent ook nieuwe omzetmogelijkheden.

Veel meer traffic

De nieuwe director Operations Jules Broex: ‘Tot nu toe waren we vooral actief voor al die gasten die in het complex zijn. Nu er voor de deur veel meer traffic ontstaat, willen we kijken hoe we ook voor die doelgroep aantrekkelijk kunnen zijn met verschillende cateringconcepten. Het is niet onze primaire doelgroep, maar het is zonde om ze zomaar te laten passeren.’

Het actieplan heeft een naam: Project Plint. ‘Je ziet het ook aan de achterkant van het Centraal Station hier in Amsterdam. Door het compleet opnieuw in te richten met horeca en winkels is de aantrekkelijkheid ervan sterk verhoogd’, omschrijft Broex’ collega Van Nierop de manier waarop er sinds enige tijd ook binnen de RAI wordt gedacht. ‘Om die reden zijn we bezig met het ontwikkelen van nieuwe horecaconcepten. Het pop-up-restaurant Bar O tijdens de Horecava was ook bedoeld om te kijken of dit concept goed aanslaat. Maar we kijken dus ook heel duidelijk naar combinaties met retail en naar manieren om die passanten hier naartoe te krijgen. Nudging heet dat met een mooi woord; het beïnvloeden van keuzegedrag, bijvoorbeeld door geur en bestrating.’

Connectie met de stad

Het toegankelijker maken van het beurscomplex gaat echter verder dan een opknapbeurt aan de voorkant van het gebouw en het toevoegen van extra verkooppunten, legt Van Nierop uit. ‘We waren altijd een soort bastion in de stad dat echt uitstraalde ‘Kom niet aan de RAI’. Nu willen we veel meer de connectie gaan leggen met de stad. Door een zachter imago te creëren en door via nieuwe projecten meer met én voor die stad te gaan doen. Of dit betekent dat we ook op andere locaties dan de RAI gaan cateren? Nee, dat niet. Dit aspect van Project Plint heeft ook niet zozeer alleen met catering te maken, maar wel met het verbeteren van de verbinding met de stad. Door onszelf af te vragen: Wat zijn de ontwikkelingen qua goede doelen? En welke op het gebied van mvo? Daaraan willen we meer ons steentje bijdragen.’

‘Buurtbuik is een voorbeeld van zo’n project. Buurtbuik is een beweging die voedsel dat nog niet volledig is bereid en nog te genereren is, graag wil gebruiken. Wij hebben vrij veel waste. Dat komen ze ophalen of we brengen het naar ze toe. En zo heb je natuurlijk ook nog de Voedselbank en andere projecten in de stad die we ondersteunen. Dat deden we al wel, maar het is nu beter georganiseerd.’ Broex: ‘De RAI is er voor iedereen. Dat is een onderdeel van ons succes, maar we willen dat veel meer dan voorheen ook naar buiten toe uitstralen.’

Drie soorten catering

Rai Catering‘We willen meer ruimte geven aan de impulsen van buitenaf, aldus Van Nierop. ‘Maar ook in staat blijven om onze corebusiness zo goed mogelijk uit te voeren. We hebben drie soorten catering. Eén, de banqueting. Je voert uit wat je met een organisator afspreekt en daarbij ben je heel concreet in je uitvoering. Dan hebben we de publiekscatering. Van broodjes kroket tot een diner. Wat je ook tijdens een beurs als de Horecava ziet. Dan exploiteren we een restaurant of tijdelijk concept op de beursvloer. Dat kunnen we zelf doen of laten doen door onderaannemers. We werken voor het neerzetten van specifieke concepten samen met een aantal zeer gewaardeerde contractpartners. Dus dat gebeurt ook. En dan hebben we nog de exposantencatering. Onze kleinste tak. Beurzen waarop exposanten staan, moeten ook hun natje en droogje krijgen. En dat gaan we niet heel anders doen.’

Broex: ‘Het wordt wel een hele uitdaging om die nieuwe stroom gasten die we verwachten niet te laten ‘botsen’ met onze reguliere bezoekers van een beurs of congres. Dan praat je bijvoorbeeld ook over de op- en afbouw van een beurs die nu nog voor veel drukte voor de deur zorgt. Hoe houd je de RAI ook dan gastvrij? Dat wordt een spannende uitdaging.’

Nieuwe opzet in plaats van reorganisatie

Van Nierop: ‘Het gaat hier eigenlijk niet om een reorganisatie. Dat is ook zo’n beladen woord. Het is vooral een nieuwe opzet. Het gaat ook goed met de RAI. Als de zon schijnt, moet je je dak repareren, zo noem ik het liever. Voorheen hadden we twee divisies. Een gebouwenkant en een beurzenkant. Met het aantreden van de nieuwe ceo werd geconcludeerd dat we één bedrijf zijn, met als belangrijkste doel dat de tent goed draait. Of dat nou met eigen beurzen gebeurt of met die van derden, dat mag geen verschil zijn. Onze corebusiness is internationaal. Dat geldt met name ook voor de wereld van de congressen. Een organisatie kiest om verschillende redenen wel voor de RAI én voor Amsterdam en niet voor andere steden in Europa. Mede met behulp van de catering willen we dat verder versterken. Toen is naar een nieuwe organisatievorm gezocht en dat is in feite de grootste verandering.’

Catering betrokken bij werven nieuwe congressen

‘Catering is erg belangrijk bij het verwerven van een beurs of congres’, aldus Van Nierop. ‘In het verleden kwam het wel eens voor dat de tak die binnen de RAI beurzen en events ‘verkoopt’ dat deed zonder de mogelijkheden van de eigen cateringafdeling in de verkoopgesprekken mee te nemen. Dus werden er regelmatig ‘derden’ ingevlogen. Dat gebeurt af en toe nog steeds, maar we zijn nu al vanaf het eerste moment bij de gesprekken betrokken. We waren stoelpoot, maar zitten nu ook daadwerkelijk aan tafel. Het gat tussen productie en uitvoering is geslecht en we zijn een wezenlijk onderdeel van de bedrijfsvoering geworden. Het is ook belangrijk omdat we leidend willen blijven in de wereld van de congressen. Iedereen denkt dat Ahoy of de Jaarbeurs onze concurrenten zijn maar dat is niet zo. 80 procent van onze business kmt uit het buitenland. Internationale congressteden als Milaan en Barcelona, dat zijn onze concurrenten. De combinatie van stad, Schiphol en de RAI heeft ervoor gezorgd dat we al jaren succesvol zijn en ook van de recessie nooit noemenswaardig last hebben gehad.

Eisen opdrachtgevers

Broex en Van Nierop vinden dat de eisen van opdrachtgevers zijn veranderd. Broex: ‘Voorheen was het vooral zo dat wij lieten zien wat we aan cateropties in huis hadden, een soort one-size-fits-all. Nu is het veel meer een co-creatie. De klant of organisator heeft nu veel meer eigen input. Zo wil ik het hebben of daar wil ik op inspelen. Je zag tijdens de Horecava een complete hal met foodtrucks, dat doen we op events bijvoorbeeld al jaren omdat er vraag naar is. Naar variëteit ook. Door een wisselend aanbod blijf je je gasten verrassen. De horeca is zo op iedere beurs een veel belangrijker onderdeel geworden waardoor het terecht ook een prominentere rol in het verkoopgesprek heeft gekregen. Van Nierop: ‘Catering was altijd een sluitpost voor een organisator. Nu ben je een integraal onderdeel van het beursconcept.’

Keuken is ook veranderd

Broex: ‘Onze keuken heeft erg goed op deze ontwikkeling geanticipeerd. Soms zoeken we met een organisator ook echt de grenzen op. Dat gebeurt samen met onze chef Rientz Mulder, die ook echt een belangrijk gezicht is geworden tijdens deze gesprekken. Hij zoekt dan naar nieuwe producten, nieuwe methodes van bereiding. En kookt met producten die duurzaam zijn geteeld en zoveel mogelijk uit de regio afkomstig zijn. We gebruiken kaas van de schapenboerderij in het Amsterdamse Bos, groenten die zijn geteeld in een special project in de buurt en zo doen we nog veel meer.’

Reageer op dit artikel