artikel

Anita Bos over 150 jaar Amstel Hotel en plannen voor de toekomst

Hotel 2949

Het Amstel Hotel, het meest bekende hotel van Amsterdam – en misschien wel van Nederland – viert dit jaar haar 150-jarig bestaan. Dat jubileum valt samen met een grootscheepse restauratie van de buitenzijde, waarbij veel in originele staat wordt teruggebracht. General manager Anita Bos kijkt achterom en vooruit.

Anita Bos over 150 jaar Amstel Hotel en plannen voor de toekomst

‘We vieren datgene waar we heel trots op zijn, de afgelopen 150 jaar. Maar we koppelen daar direct aan: hoe gaan we de komende 150 minimaal even succesvol zijn? Het is heel leuk om historie en innovatie zo met elkaar proberen te mixen.’

Aan het woord is Anita Bos, de open en goedlachse general manager van het hotel aan de Amstel. ‘Ík ga die komende 150 jaar niet allemaal meemaken, maar het is wel de bedoeling dit hotel nog heel lang heel succesvol te laten zijn. Het voelt nu een beetje als een nieuwe start: we leggen een fundament voor nóg eens 150 jaar.’

Bos trad bijna vijf jaar geleden aan, en zag de positie van ‘haar’ hotel in die tijd veranderen, er kwamen voor het eerst sinds heel lang weer een aantal luxe hotels bij in de stad. ‘Het hotel was 145 jaar onbetwist hét luxe hotel van de stad en misschien wel van het land. Als een staatshoofd of popster kwam, dan kwam men hier. Daar was geen concurrentie.’ Dat is aan de ene kant fijn, meent ze, aan de andere kant ook niet. ‘Dat klinkt misschien raar, maar als je in het luxe segment een markt wil promoten, kun je dat niet met één, twee of drie brands. Dan heb je ruim aanbod nodig waaruit mensen keuze kunnen maken. De nieuwe concurrentie maakte ons open en zorgde dat we keken naar hoe we ons nog meer konden onderscheiden. We zijn er beter van geworden.’

Maar, ze ziet tegelijk dat de stad haar taks begint te bereiken in het aanbod in het luxe segment. ‘We hebben na een diepe crisis een paar succesvolle jaren gehad, maar afgelopen jaar is weer best uitdagend geweest met aanslagen in Europa. Die hebben in het luxe segment in Amsterdam echt hun weerslag gehad. Er moet een balans blijven tussen aanbod en wat realistisch is om naar de stad te trekken. Te weinig aanbod is niet goed, maar te veel ook niet.’

En de bovengrens is wat haar betreft echt wel bereikt. ‘We hopen dat 2017 een mooi jaar is, maar we weten ook dat er jaren gaan komen die niet zo mooi zijn. Waar je voor wil waken, is dat er straks heel veel mooie producten zijn die leeg staan. Dan gaan mogelijk werkgelegenheid en kamerprijs achteruit. Als die achteruit gaan, gaat het product ook achteruit. Dat wil je niet. Het is ook voor de stad van belang dat die kwaliteit op een zo hoog mogelijk niveau blijft. Dan moet je wel zorgen dat ondernemingen dat op een succesvolle manier kunnen doen.’

FOTO: DIEDERIK VAN DER LAAN

Om dat te kunnen is een initiatief ontstaan waarbij een aantal hotels, in samenwerking met partijen als Schiphol, het Rijksmuseum, Gassan Diamonds en Coster Diamonds, de stad specifiek in het luxe segment willen promoten. ‘Tot nu toe is de promotie van de stad redelijk generiek. Het gaat over het red light district, de coffeeshops, de grachten. Maar het luxe segment heeft een iets andere promotie nodig, die zijn we nu aan het ontwikkelen. Ik vind het belangrijk een onderdeel van de stad te zijn, niet alleen een mooi gebouw.’

Een jaar en één dag

Dat gebouw bestaat wel mooi 150 jaar. De aftrap is vorig jaar al gegeven, op de dag af 150 jaar nadat de bouw van het hotel startte (zie kader). Net als toen is de échte verjaardag een jaar en een dag later, op 27 april dit jaar. Dan is het exact 150 jaar nadat de houten draaideur voor het eerst rondging. De toenmalige Koning Willem III en een van zijn zoons waren de allereerste gasten die binnenkwamen, om het hotel te inspecteren. Een paar uur later mochten ‘gewone’ gasten naar binnen. Tegenwoordig is 27 april Koningsdag, dus feest is het die dag in ieder geval. Het Amstel organiseert ter ere van het jubileum een aantal kleinschalige evenementen en een paar wat grotere.

‘we gaan elk ornamentje
verwijderen en met de hand
repareren of namaken’

‘We hebben veel elementen in het hotel waar we wat mee kunnen. Zoals onze royal afternoon tea, daar kun je mooi in een aantal details die 150 jaar laten zien. We hebben een menu in de brasserie dat teruggaat tot 150 jaar geleden. Decoratie is ook aangepast, er hangen nu bijvoorbeeld menukaarten uit 1906 aan de muur. We hebben een ongelooflijk goed archief. Er zijn linkjes met andere gebouwen in de stad, met leveranciers, met gasten die al lang komen of ver terug gaan. We hebben een klein museum ingericht met vitrinekasten om een aantal dingen te laten zien. En we zijn blij met het borstbeeld van Samuel Sarphati in de lobby, wij vonden het belangrijk dat de founding father van het hotel aanwezig is in het hotel.’

Naast de viering van 150 jaar markeert 2017 ook de start van een van de grootste renovaties van het hotel van de afgelopen 100 jaar. ‘Wij noemen het alleen geen renovatie maar een restauratie. We beginnen nu met de buitenkant: de façade en het dak.’

Grondlegger Sarphati had gebouwen als het stadhuis in Londen en het Louvre in Parijs in gedachten toen hij het Amstel ontwikkelde. Van al die panden heeft hij dingen bij elkaar gelegd, maar door de bakstenen is het toch ook een heel Nederlands gebouw. Dat pand is in 150 jaar nauwelijks veranderd, op een kleine uitbouw van de lounge na in 1990-1992. De hele buitenkant wordt gerestaureerd, na een aanloop van vijf jaar. ‘Alle ornamenten, alles wat gerestaureerd moet worden, gaan we in de originele materialen doen. Er zijn ornamenten van hout, van porselein, zink. We zijn heel lang bezig geweest met onderzoek, de juiste instanties vinden en de juiste vergunningen regelen.’

49 lagen verf

Ook is historisch kleuronderzoek gedaan, waarbij laagje voor laagje de verf is onderzocht. Er bleken 49 kleuren verf te zijn gebruikt, waarvan de onderste is gekozen om te gebruiken. Ook bleek op archieffoto’s van de bouw dat in het begin op de hoeken van het pand acht springende leeuwen zijn geplaatst. Ergens zijn die een keer verdwenen, men heeft nog niet kunnen achterhalen waarom. Die leeuwen komen terug. ‘We gaan dus proberen het hotel nog mooier terug te brengen dan het nu al is. Ook de hele verlichting speelt daarin een cruciale rol. Een heel mooi pand dat beroerd is uitgelicht, is bij donker geen mooi pand meer. Het hotel ligt op een geweldige zichtlocatie, dus we gaan het mooi aanlichten als het donker wordt in Nederland, en dat is best een aantal uur per dag.’

Alles wordt handwerk, elk ornamentje wordt verwijderd en met de hand gerepareerd of nagemaakt. Het wordt in die zin geen grootschalig project. Er zal steeds een klein deel van het hotel in de steigers staan, maar nooit het hele hotel. Er zijn ook allerlei geluidstesten gedaan om te zien met welke technieken en materialen overlast beperkt kan worden. ‘Kiezen voor kunststof ornamenten zou veel sneller en goedkoper zijn, maar vanuit de pandeigenaar is juist ook gezegd dat het naar de originele staat terug moet, met oorspronkelijke materialen. Jij en ik gaan daar niets van zien. Als je op straat staat, zie je niet of een dakornament van kunststof is of van natuursteen.’

Subsdie is niet aangevraagd, de restauratie wordt volledig betaald door de Qatarese pandeigenaar, Katara Hospitality. Het traject is ingezet toen Amstel nog eigendom was van Mayfair Investement, met beiden was het goed zakendoen, zegt Bos. Toen InterContinental Hotel Group (IHG) in 2006 de stenen van het Amstel verkocht, is bedongen dat de hotelgroep de exploitatie voor tenminste de eerste 25 jaar – dus tot 2031 – zou behouden.

FOTO: DIEDERIK VAN DER LAAN

Bos zegt relatief weinig gemerkt te hebben van de verkoop in 2014. ‘In de operatie merk je er weinig van, het personeel merkt het al helemaal niet. Het managementteam wat meer, omdat wij ook rapporteren richting een eigenaar en met ze in dialoog en discussie gaan. Elke eigenaar gaat op zijn eigen manier met zijn eigendommen om. De ene zegt: stuur me één keer per jaar de cijfers, verder vind ik het prima. Want ik heb juist een contract met jullie om het te managen, omdat jullie daar goed in zijn en ik wat minder. Een andere eigenaar is juist enorm betrokken. Maar in de contracten is goed afgebakend wie waarvoor verantwoordelijk is. De huidige eigenaar is enórm betrokken, op een prettige manier. Soms heeft IHG een mening, heeft de eigenaar een mening en heb ik óók nog een mening, maar daar k

omen we altijd uit.’

De constructie is een managementovereenkomst, IHG verzorgt de exploitatie en draagt winst af, andersom betaalt Katara een managementfee. Omdat de restauratie door de pandeigenaar wordt bekostigd, kan Bos niets zeggen over de hoogte van de investering. Het enige dat ze wil verklappen, is dat het tussen de €1 en €10 miljoen ligt. ‘Dat zegt voor mij ook wel dat de intentie van de eigenaar is om lang bij dit hotel betrokken te zijn. Ze zijn trots dit in portfolio te hebben. Het is een fijne eigenaar, ze hebben een klik met dit soort historische panden. Net als The Raffles in Singapore en The Peninsula in Parijs.’

Het Amstel werd gekocht in een portfoliodeal van vijf InterContinentals. Gelijk aan het project in Amsterdam investeert Katara ook in een soortgelijk proces in Carlton in Cannes. Daar wordt de hele binnenkant gerenoveerd. ‘Ik ben elke keer weer onder de indruk waar ze allemaal tegelijk in investeren en wat voor kapitaal ze in de hotels steken.’

Gezicht van het hotel

Bos’ voorganger zat hier twee jaar, zijzelf had bij haar aantreden wel de ambitie het langer uit te houden. ‘Ik heb overal wel een langere periode gezeten, meestal 6 of 7 jaar. Het was ook een bewuste keuze van IHG iemand te zoeken die hier een langere periode wilde zitten. Ik denk dat het ook goed is . Een pand als dit, een hotel als dit, heeft een gezicht nodig. Dat bouw je op, dat doe je niet binnen een jaar.’

Bos loopt elke morgen om 6.30 uur door de draaideur naar binnen, en geniet van de diversiteit in haar werkzaamheden. ‘In hart en ziel ben ik echt wel een f&b-mens, ik vind het fijn daarbij betrokken te zijn. Eten, drinken, het organiseren van events. We zijn nu al bezig met Kerst 2017. Dat maakt voor mij werken in een hotel zo mooi: het is zo divers. Ik denk dat ik het heel saai zou vinden als ik elke dag hetzelfde zou doen.’

Ze is daarom ook blij dicht op de operatie te staan. ‘Je zal mij de hele dag in het hotel vinden. Ik vind het heel knap dat sommige collega’s hun hotel kunnen aansturen vanuit hun kantoor, ik kan dat minder. Ik vind het ontzettend fijn door het hotel te lopen en gevoel te krijgen bij wat er gebeurt. Dat is voor mij het leuke van werken in een hotel, anders had ik net zo goed een kantoorbaan kunnen zoeken bij een mooie corporate of de overheid. Ik kan op een kantoor niet zien wat er gebeurt. Dus ik wil juist aansturen vanaf de vloer, niet vanaf de zijlijn.’

FOTO: DIEDERIK VAN DER LAAN

Op de vraag of ze een harde manager kan zijn, schiet ze even in de lach. ‘Het is heel grappig, ik krijg daar ongelooflijk veel opmerkingen over naar aanleiding van de documentaire vorig jaar (achtdelige serie bij Max, red.). Mensen zeggen dan: ‘Je lijkt een heel leuke manager’. Dat is een mooi compliment. Maar ik denk dat ik best heel streng ben, al hoop ik ook heel fair. We werken in een team van 170 man, al die neuzen moeten dezelfde kant op. We moeten elke dag een Olympisch record neerzetten, gasten hebben een verwachtingspatroon wat híer ligt (houdt de hand hoog boven haar hoofd horizontaal), en dat moeten we niet hálen, daar moeten we overhéén. Elk moment van de dag, in elke hoek van het hotel. Dat betekent dat je keuzes moet maken, dat er discipline is. Als ik niet vertel wat ik wil, of hoe we dingen moeten doen, gaat het niet gebeuren. Ik hoef gelukkig maar zelden echt streng in te grijpen, maar als het moet dan moet het. Het hoort er helaas bij.’

Hoogte- en dieptepunten

Culinair gezien heeft het Amstel een paar bewogen maanden achter de rug, met aan de ene kant een mooie plek bij de internationale finale van de Prix Taittinger voor chef de cuisine van La Rive, Keng Vichianrat, en de Gouden Koksmuts voor het team van La Rive, maar aan de andere kant ook het verlies van de ster. ‘Dat deed ongelooflijk veel pijn, en dat doet ’t nog steeds. Het is nu zaak dat we het ombuigen in kracht en zorgen dat we die ster zo snel mogelijk weer terugkrijgen, en Michelin overtuigen dat ze deze beslissing zo snel mogelijk terugdraaien.’

Om dat te bereiken, gaan Roger Rassin en zijn brigade niet ineens heel anders koken, bezweert Bos. ‘De basis is goed, anders zouden we niet zoveel jaar wel die ster hebben gehad. Maar we kijken welke details we kunnen ontwikkelen en verbeteren. Het zou niet realistisch zijn te denken dat het allemaal goed komt als we niets doen. Mensen zeggen ons wel dat we een Michelinster niet tot doel op zich moeten maken, maar wij willen de waardering van een instituut als Michelin graag hebben.’

‘we gaan de acht leeuwen
weer op het dak zetten’

Al is ze ook van mening dat het voor een hotel als het Amstel niet essentieel is een ster te hebben. ‘Als je me die vraag vijf jaar geleden had gesteld, had ik volmondiger ja gezegd dan nu. Ik merk dat veel gasten Michelin belangrijk vinden, maar dat ze ook naar andere dingen kijken, andere criteria hebben, meer kijken naar reviews van andere gasten. Dat was vijf jaar terug anders.’ Voor Bos is een belangrijke graadmeter dat sinds het sterverlies de gastenaantallen en omzet van La Rive niet zijn teruggelopen.

Wel is ze naar Brussel geweest om met de hoofdinspecteur voor de Benelux, Werner Loens, te spreken. ‘Weet je, je krijgt nooit een lijstje met punten waarvan ze zeggen: als je dit aanpast krijg je je ster weer terug. Er hangt een bepaalde mystiek omheen. Loens haalde zelf nog even de exact gelijke tekst als in de gids van vorig jaar aan, maar we hebben daar niet lang over gesproken. Er is in de dagen na de bekendmaking zoveel gezegd en geschreven, ik vermoed dat dat voor Michelin ook bijzonder en onverwacht is geweest. Zij zeggen dat hun oordeel los staat van het tekstje in de gids, het is niet hun ambitie elk jaar voor elk restaurant een nieuw stukje tekst te maken. Maar voor ons is het heel frustrerend en op zijn zachtst gezegd opmerkelijk.’

Gelukkig gaf de Gouden Koksmuts weer een positieve vibe in het team. Niet alleen in de keuken en het restaurant, in het hele hotel. ‘Echt tot housekeeping en technische dienst aan toe, iedereen was ongelooflijk trots. Ook op de prestaties van Keng op de Prix Taittinger en met het Nederlands team in Duitsland, waar ze twee gouden en een zilveren medaille haalden, de hoogste score van Nederland ooit op de Olympiade.’

Toekomst

Na het achterom kijken, werpt Bos ook nog even een blik vooruit. ‘Ik denk dat we de komende jaren maar één rol zien voor het Amstel: we hebben altijd op het hoogste niveau geacteerd, en dat willen we blijven doen. De historie en de plek maken wezenlijk onderdeel uit van het hotel, dat is de brug naar de toekomst. Het hotel is altijd innovatief geweest. Tuurlijk, er was geen stromend water en stroom toen het hotel openging. Maar zodra elektra kwam, is meteen ook in alle kasten verlichting aangebracht. Er zijn nu nog hotels die dat niet hebben. Ik kan alleen maar dromen in die trant door te blijven gaan en gasten te blijven verrassen met innovaties.’

Ook over haar persoonlijke toekomst heeft ze dromen. ‘Ik heb veel energie en ben vol ambitie. De restauratie en alle dingen die er nog aan gaan komen zijn een enorm project, daar wil ik echt nog mee door. Daarna zijn er wel een paar mooie hotels wereldwijd waar ik een volgende stap voor mij zou zien, maar voorlopig ben ik hier nog niet klaar. Dit is met 79 kamers het kleinste hotel waar ik ooit gewerkt heb. Ik zou dan iets willen wat op dezelfde manier kleinschalig en van hoge kwaliteit is. Ik hoef echt geen hotel met 3000 kamers. En als ik ga, wordt het waarschijnlijk wel buiten Nederland.’

Reageer op dit artikel