blog

Edwin van der Meijde: Bedrog in Boutiqueland

Hotel 443

Edwin van der Meijde: Bedrog in Boutiqueland
Foto: Roel Dijkstra / Joep van der Pal

Vermoedelijk beledig ik mensen of schud ik ze wreed wakker uit hun droom, maar boutique hotels bestaan uit meer dan een verzameling kekke meubeltjes en een schier onbetaalbare designlamp. Te pas en te onpas voegen hotels de term boutique toe aan hun naam, net als een decennium eerder gebeurde met het woord design. Waarom doen bedrijven zich anders voor dan dat ze zijn? Blijkbaar is boutique (of boetiek) een populaire zoekterm op internet.

Marketeers en hoteleigenaren denken er goed aan te doen de beschrijving boutique hotel actief in te zetten op zoek naar die hotelgast die meer van een hotel verlangt dan een bed en douche. In mijn ogen is dit een ernstige vorm van misleiding. Bedrog zelfs. Het zou afgestraft moeten worden.

Echte boutique hotels zijn schaars in Nederland. Ze zijn gemaakt om de verwachtingen van de gast te overtreffen. Ze zien er van buiten en van binnen origineel uit en lijken vooral niet op de toonzaal van een designmerk. Ze roepen een wow-gevoel op, zijn niet voorspelbaar en voelen tegelijkertijd aan als een warm bad. Het personeel verstaat de kunst om vakkennis te combineren met oprechte gastvrijheid.

Bij het woord oprecht gaat het vaak mis. Een boutique hotel zonder hoge mate van persoonlijke service bestaat niet. Met dat gegeven als uitgangspunt kan een boutique hotel feitelijk niet groter zijn dan 50 kamers, het liefst individueel ingericht. Bij een grotere schaal verdwijnt de oprechte interesse in de gast achter een façade van trucjes.

In veel hotels die ik heb bezocht, werken vriendelijke mensen die best oog hebben voor de noden van de gast. Maar slechts op een paar plekken ontmoette ik mensen die in staat waren de wensen in de ogen van de gast te lezen. Dit zijn dus mensen die dienstbaar zijn voordat er een verzoek of vraag uit de mond van de gast rolt. Deze mensen zijn goud waard voor de hotellerie. Maar wie maakt ze zo?

Spijtig genoeg hebben de opleiders in Nederland nog steeds niet door dat er meer soorten hotels zijn dan grote hotels en ketenhotels. Bijzondere gastvrijheidstalenten zouden juist moeten rijpen in een boutique hotel. Daar krijgen ze oog voor detail en voor de individuele wens van een gast. Als ze na die training begrijpen wat het is om dienstbaar te zijn, worden ze vanzelf aanwinsten voor elk ander hotel.


Edwin van der Meijde is eigenaar van de Rotterdamse hotels Pincoffs en Stroom en werd in 2014 uitgeroepen tot Meest Markante Horecaondernemer van Zuid-Holland. Ook won hij in 2015 de Henk de Lugt Award.

Meer blogs van Edwin van der Meijde

Reageer op dit artikel