Wet 'meer zekerheid flexwerkers' van kracht: einde nulurencontract

Wet 'meer zekerheid flexwerkers' van kracht: einde nulurencontract

De Wet meer zekerheid flexwerkers is definitief aangenomen. Werknemers met een flexibel arbeidscontract krijgen daardoor per 1 januari 2028 meer zekerheid over hun inkomen en hun werktijd.

Deze wet heeft grote gevolgen op de horeca omdat er veel flexibele arbeid plaatsvindt. Bijvoorbeeld via oproepkrachten, studenten, scholieren, seizoensmedewerkers en medewerkers die worden ingezet tijdens piekmomenten.

Draaideurconstructies

Met deze nieuwe wet wordt het uitgangspunt dat tijdelijke contracten alleen bedoeld zijn voor tijdelijk werk. Na 3 tijdelijke contracten mag er 3 jaar lang geen tijdelijk contract meer worden afgesloten tussen werkgever en werknemer. Nu ligt die grens nog op 6 maanden. Hiermee wil het kabinet voorkomen dat werknemers langdurig via opeenvolgende tijdelijke contracten aan dezelfde werkgever verbonden blijven zonder uitzicht op een vast dienstverband.

Voor horecaondernemers betekent dit dat het moeilijker wordt om voormalige medewerkers na verloop van tijd opnieuw met tijdelijke contracten in dienst te nemen.

Oproepcontracten

In plaats van de nulurencontracten komt er een bandbreedtecontract. Daarin wordt er een minimum- en een maximumaantal uren afgesproken, waarbij het verschil maximaal 30% is. Dit betekent dat bij een minimum van 10 uur het maximum 13 uur is. Oproepen die boven het maximum zitten mogen door de werknemer geweigerd worden.

En als er structureel meer wordt gewerkt moet er een contract worden aangeboden met een hoger aantal uren. Wel kent de wet een uitzondering voor bijbanen van mensen die een ander hoofdactiviteit hebben, zoals AOW-gerechtigden, scholieren en studenten.

Uitzendkrachten

Mensen die werken via een uitzendbureau moeten minimaal gelijkwaardige arbeidvoorwaarden krijgen als mensen die regulier in dienst zijn. Dit volgde voor beloning al uit een uitspraak van het Europees Hof van Justitie, en wordt nu voor alle arbeidsvoorwaarden vastgelegd in de Nederlandse wet.

Dit onderdeel treedt eerder in werking, op 31 december 2026. Ook worden de meest onzekere fases van uitzendwerk verkort. En tot slot krijgt de minister de mogelijkheid om in te grijpen als er sprake is van structurele onderbetaling in de uitzendsector.

Belangrijke uitzonderingen

Voor scholieren, studenten en AOW-gerechtigden blijven uitzonderingen gelden. Het blijft voor deze groepen mogelijk om met een nulurencontract te werken. Voor scholieren en studenten gelden daarnaast op onderdelen afwijkende regels binnen de ketenregeling.

Deze uitzonderingen zijn voor de horeca van groot belang. Juist scholieren en studenten vervullen veel functies in de sector, vaak naast hun opleiding of studie. Daardoor blijft het mogelijk om voor een belangrijk deel van de bijbanen en incidentele inzet gebruik te maken van nulurencontracten.

Voor andere werknemers verdwijnen de nulurencontracten wel en worden deze vervangen door bandbreedtecontracten. Als horecaondernemer zul je daardoor vaker te maken krijgen met verschillende contractvormen binnen je personeelsbestand.

Bekijk deze collectie

Wetgeving

In deze collectie alles over wetten en regels waar de horeca mee te maken heeft. Van de recente wijzigingen in de pensioenwet tot inzichten in de Bibob-regelgeving. Leer hoe je aan wet- en regelgeving voldoet en hoe je vergunningen aanvraagt.

Mijn artikeloverzicht kan alleen gebruikt worden als je bent ingelogd.