In een interim-beleid voor de mosselzaadvisserij, dat de minister deze week naar de Tweede Kamer heeft gestuurd, bepaalt Veerman verder dat alleen het zaad dat constant onder water ligt, mag worden opgevist. Deze tijdelijke regels zijn nodig omdat het oude schelpdiervisserijbeleid, op grond waarvan de vergunningen werden gegeven, is verlopen. Het nieuwe beleid wordt pas komend najaar bepaald en vastgesteld.
Om genoeg voedsel voor de vogels in het Waddengebied te houden bepaalde de minister eerder dit jaar voor de voorjaarsvergunningen dat ten minste 90 procent van het opgeviste mosselzaad in de Waddenzee zelf uitgezaaid moest worden.



